Meester
Advocaten

Gemeente Amsterdam: Structuurvisie

In de Structuurvisie Amsterdam 2040 heeft het gemeentebestuur in maar liefst 328 pagina’s verwoord welke ruimtelijke ontwikkelingen de gemeente Amsterdam tot 2040 voor ogen heeft.

De visie start met een wijde ruimtelijke blik op ‘De positie van Amsterdam in de wereld’ en ontrolt zich vervolgens via een ruimtelijke kijk op de regionale en metropoolfunctie van Amsterdam via de stad als geheel naar de individuele stadsdelen en uiteindelijk naar een visie op de inrichting van straten en pleinen.

Een Structuurvisie heeft geen juridische status in het kader van de Wet ruimtelijke ordening. Het gemeentebestuur bindt zichzelf echter wel aan de beleidsuitgangspunten die in de Structuurvisie staan verwoord.

De Structuurvisie is ambitieus en misschien zelfs wel pretentieus. Het lijkt een boekwerk met bestuurlijke vergezichten die een inwoner of ondernemer niet snel gaan raken.

Maar pas op. Ondanks dat de Structuurvisie dus geen juridische status heeft kan het College een bouwplan wel degelijk aan de Structuurvisie toetsen. Blijkt een aanvraag omgevingsvergunning niet te passen binnen de voorschriften van het bestemmingsplan, onderzoekt het College namelijk ook of wellicht kan worden afgeweken van het bestemmingsplan. En dan kan de Structuurvisie in beeld komen. Wat zegt de Structuurvisie over het ingediende plan? En wat zijn de gevolgen daarvan? Kan een aanvraag afwijking omgevingsvergunning zondermeer worden geweigerd met een verwijzing naar de Structuurvisie 2040?

Recentelijk heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State daar een uitspraak over gedaan (ABRvSt, 12 oktober 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2924).

Een inwoner van Amsterdam wil vanwege zijn gezondheid van een bovenverdieping verhuizen naar de ondergelegen winkel/bedrijfswoning. Dan woont hij voortaan gelijkvloers en kan hij ter plaatse blijven wonen. Het bestemmingsplan staat wonen op de begane grond echter niet toe en het College weigert om een afwijkingsvergunning te verlenen omdat de Structuurvisie de buurteconomie wil versterken. Daarom zou het niet wenselijk zijn dat kleinschalige bedrijfsruimten binnen de ring aan de voorraad worden onttrokken.

De inwoner van Amsterdam brengt hier tegen in dat in de Structuurvisie ook is opgenomen dat de woningvoorraad moet groeien. En daar voorziet zijn aanvraag nu juist in. Er lijkt dus sprake van twee tegenstrijdige ruimtelijke belangen. De Afdeling stelt in dat kader in algemene zin vast dat het door het College gestelde belang van voorkomen van precedentwerking als afwijken ten behoeve van wonen zou worden toegestaan, onvoldoende is.

Ten aanzien van deze concrete casus stelt de Afdeling vervolgens dat het College niet heeft onderbouwd waarom ter hoogte van het betreffende pand daadwerkelijk behoefte bestaat aan het behouden van winkelruimte dan wel kleinschalige bedrijfsruimte. Ook heeft het College onvoldoende rekening gehouden met de persoonlijke belangen van de aanvrager bij het gebruik van de begane grond als woonruimte. Het College zal nu een nieuwe beslissing op bezwaar moeten nemen met in acht name van de overwegingen van de Raad van State.

Verwijst een gemeente bij het afwijzen van een afwijkingsvergunning dus (zondermeer) naar de beleidsuitgangspunten van een structuurvisie dan loont het zeker de moeite om deze structuurvisie goed te bestuderen op mogelijk tegenstrijdige belangen. Ook blijkt dat het College altijd ook de individuele belangen van een aanvrager moet meewegen, ook als de aanvraag in strijd is met een Structuurvisie.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *